De inzet van zelfstandige zorgverleners staat in vrijwel elke bestuurskamer op de agenda. Sinds de handhaving op schijnzelfstandigheid per 1 januari 2025 volledig van kracht werd, herzagen veel zorgorganisaties hun beleid. Een Rotterdamse zorginstelling ging het verst en stopte helemaal met de inhuur. Wat daar gebeurde, is leerzaam voor iedere organisatie die met dezelfde vraag zit.
Een op de zes kwam van buiten
De instelling werkte tot begin 2025 met ongeveer duizend zelfstandigen op een personeelsbestand van zesduizend mensen, zo beschrijft vakblad Zorgvisie. Een flink deel van de dagelijkse bezetting kwam dus van buiten de eigen organisatie.
Per 1 april 2025 stopte de instelling volledig met de inhuur. Honderden zelfstandigen stapten over naar de eigen flexpool en 139 mensen kozen voor een vast contract. Op papier verliep die overgang goed. Juist daarom is het de moeite waard om te kijken wat er daarna gebeurde.
De diensten in het rooster blijven gewoon staan
Het aantal cliënten veranderde door deze operatie nauwelijks. Dezelfde ochtenddiensten, avonddiensten en nachtdiensten stonden de week erna weer in het rooster, met dezelfde zorgvragen erachter. De hele bezettingsvraag verschoof daarmee naar de vaste medewerkers en de eigen pool.
Daar zit de kern van het vraagstuk. Een zzp-stop verandert de manier waarop u diensten invult en laat het aantal diensten intact. Zolang de krapte eronder blijft bestaan, komt de druk bij de vaste teams te liggen.
Wat de verschuiving doet met uw kosten
Externe inzet rekent u af per gewerkt uur. Een vaste medewerker betaalt u ook door tijdens ziekte, en in de zorg ligt het verzuim structureel hoger dan in andere sectoren. Loopt het verzuim binnen uw eigen teams op, dan verschuift de kostenpost van inhuur naar lonen en salarissen.
Dat patroon was eerder zichtbaar bij andere zorgorganisaties die de inhuur schrapten. De uitgaven aan externe krachten daalden duidelijk. De loonkosten stegen in datzelfde jaar harder, waardoor de besparing alsnog verdampte. Een zzp-stop vraagt daarom om een berekening over de hele begroting, inclusief verzuim, overwerk en het verloop dat ontstaat wanneer teams langere tijd te krap staan.
Wat het aandeel externe inzet u vertelt
Het percentage externe inzet zegt meestal iets over de gezondheid van het rooster zelf. Een hoog percentage wijst op openstaande vacatures, op verzuim dat blijft hangen of op een basisbezetting die te dun is voor de zorgvraag van vandaag.
Organisaties die aan die oorzaak werken, zien de behoefte aan externe krachten vanzelf teruglopen. Dat vraagt om roosters met ruimte voor vervanging, om zeggenschap over werktijden en om een reële blik op wat een team per dienst aankan.
Een opbouw die houdbaar blijft
In de praktijk werkt een bezetting in drie lagen het prettigst. Een stevige vaste kern draagt de continuïteit en de relatie met de cliënt. Een flexpool met uitzendkrachten vangt pieken, verzuim en vakantieperiodes op. Zelfstandigen vullen de plekken in waar specialistische kennis nodig is of waar een vast gezicht het verschil maakt.
Deze opbouw houdt uw rooster gevuld en uw kosten voorspelbaar. U blijft daarbij aan de veilige kant van de regels rond schijnzelfstandigheid, omdat de juridische en administratieve afhandeling via het bureau loopt.
Samen kijken naar uw bezetting
Tiade levert zzp-bemiddeling, uitzenden en detacheren vanuit één netwerk van gediplomeerde en gescreende zorgprofessionals. Daardoor kiest u per situatie de vorm die past bij uw organisatie en bij de zorgvraag van dat moment. Bij onverwachte uitval schakelen we vaak binnen 24 uur een geschikte kracht in.
Bekijk wat Tiade voor zorgorganisaties doet of neem contact op voor een gesprek over uw bezetting.


